BLOG JC – Sjokken

Gepubliceerd in de InZaken Media van december 2016

Stelt u zich eens voor dat u uw hele leven lang stilstaat. Nou vooruit, heel af en toe mag u een paar kleine pasjes zetten maar dan staat u toch weer stil. Elke dag opnieuw. Elke dag hetzelfde, tergend langzame ritme. Geen prettige gedachte vindt u? Helemaal mee eens. Noch voor een mens, noch voor een machine. Toch zijn er alleen al in Parijs vele duizenden ‘machines’ die dit lot dag in dag uit moeten ondergaan. Onlangs was ik in de lichtstad om het nieuwste van het nieuwste op autogebied te mogen aanschouwen en na een dagje rond sjokken op een overvolle beurs was het de hoogste tijd om de innerlijke mens te verwennen.
Dus een taxi aangehouden en snel op weg naar ‘centre ville’ voor een mooi glas wijn en een lekker hapje. Ik kwam terecht in een witte ŠKODA Octavia. Alleen al aan de doorgezakte achterbank bemerkte ik het zware, nee loodzware leven dat deze Tsjechische middenklasser reeds achter de rug had. De voor de verandering vriendelijke taxi-chauffeur deed zijn knipperlicht naar links uit en voegde in om de weg te vervolgen richting mijn restaurant. Verder dan invoegen kwam hij echter niet. Drie rijen met blik belemmerde werkelijk elke vorm van doorgang. Het stond vast. Muurvast. En de taxi stond daar middenin. Niet alleen nu met mij aan boord maar waarschijnlijk vrijwel de hele dag. Ik keek op het display tussen de metertjes en las een astronomische kilometerstand af van 468754 kilometers. Deze auto heeft bijna een half miljoen kilometers vrijwel stationair draaiend afgelegd! De getergde dieselmotor is hoogstwaarschijnlijk nog nooit boven de 2.000 toeren geweest. Immers, men rijdt van stoplicht naar stoplicht en van file naar file. Steeds komt de meute een klein beetje in beweging en in die spaarzame gevallen van voorwaartse versnelling schakelt de taxichauffeur razendsnel op naar de tweede versnelling waardoor het toerental daalt naar kritische waarden. Althans, afgaande op het onheilspellende gedreun dat onder de motorkap vandaan komt.

Arme auto. Wat zou deze taxi graag eens lekker worden uitgelaten op een verlaten Autoroute op zondagochtend. Als een enthousiaste hond op het strand lekker even sprinten, op zoek naar een oneindige horizon. Maar die horizon reikt voor de gemiddelde taxi in Parijs niet verder dan de achterbumper van z’n voorganger. Het is het tragische lot dat deze automobiele stumpers moeten ondergaan. Ik ben na 35 minuten stilstaan en piepkleine stukjes rijden gearriveerd. Kwiek spring ik uit de taxi om het laatste stukje te lopen richting het gezellige etablissement waar ik de avond door zal brengen. Ik neem plaats en ontvang vrij vlot mijn eerste glaasje. Ik kijk naar buiten en ben niet eens verbaasd als ik waarneem dat mijn taxi (die ik 20 meter terug verlaten had) nu pas langs komt rollen. Op weg naar de volgende stop. Proost!

Jan Cees